De gemeente Utrecht wil volledig af van fossiele buitenreclame. Vanaf 1 januari 2026 mogen reclames in de openbare ruimte niet meer draaien om producten zoals benzineauto’s, vliegreizen of grijze stroom. Dat is kort gezegd de strekking van een motie die de gemeenteraad afgelopen maand heeft aangenomen.
Wat is fossiele buitenreclame?
Fossiele buitenreclame gaat over reclames die producten of diensten promoten die afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. Denk aan benzine- of dieselauto’s, cruises, vliegtickets, grijze stroomcontracten of gasaanbiedingen. Zulke advertenties zie je vaak op bushokjes, abri’s, reclamemasten en andere vormen van buitenreclame in Utrecht.
Aangepaste APV voor buitenreclame borden
De motie roept het Utrechtse College van B&W op om met een voorstel te komen dat de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) aanpast. Daarmee zou het verbod op fossiele buitenreclame officieel worden. Het gaat om een gemeentelijke regel, dus de gemeente kan daar zelf over beslissen, mits juridisch houdbaar.
Volgens het voorstel mogen bedrijven vanaf 2026 geen fossiele buitenreclame meer maken in de openbare ruimte. Dat geldt ook voor billboards len andere buitenreclame voorbeelden langs de weg. Wél mag een autobedrijf nog steeds een poster op zijn eigen gevel hangen met een dieselwagen erop, zolang dat op eigen terrein is.
De motie is met 25 van de 42 stemmen aangenomen. Partijen als GroenLinks, ChristenUnie, Volt, Bij1 en PvdA stemden voor. De VVD, CDA, D66 en UtrechtNu stemden tegen. Die laatste partijen vinden het voorstel te betuttelend of vinden het niet passen bij gemeentelijk beleid.
Oorspronkelijk zou een verbod op fossiele buitenreclame pas echt effect hebben als bestaande contracten met buitenreclame-exploitanten aflopen. Sommige daarvan lopen tot 2038. Maar door de APV aan te passen, kan de gemeente het verbod al in 2026 invoeren, zonder te wachtenop aflopende contracten.

Landelijk politiek wil geen verbod
Op landelijk niveau is er geen meerderheid voor een verbod op fossiele bushokjes reclame. Pogingen om dat via de Tweede Kamer te regelen mislukten tot nu toe. Daarom pakken sommige gemeentes het nu zelf aan. Utrecht sluit zich aan bij steden als Amsterdam en Haarlem die al langer hierover nadenken.
En ook bij reclamebureaus en exploitanten klinkt gemor. Buitenreclame bedrijven vrezen een lappendeken aan lokale regels, waarbij elke stad weer andere dingen verbiedt. Zij zien liever een landelijk verbod dat overal gelijk geldt. Zo voorkom je verwarring en scheve concurrentie. Maar voorlopig laat dat landelijke beleid nog op zich wachten.
Willem Albert Bol pleitte onlangs in een podcast voor een landelijke aanpak van buitenreclamebeleid. Hij vindt dat gemeenteraden te ver gaan als ze bepalen wat wel of niet op reclameposters mag staan.
Lees ook: Rechter wil nieuw besluit over buitenreclame in Zeist
Utrecht wil statement maken met verbod
Utrecht wil met dit verbod ook een voorbeeld stellen. Geen fossiele buitenreclame betekent dat de stad zich actief uitspreekt tegen vervuiling. Zo wordt de publieke ruimte niet gebruikt om vervuilende keuzes aan te prijzen. Het past binnen een bredere duurzame ambitie van de stad.
Nu moet het College van Burgemeester en Wethouders aan de slag. Zij moeten een officieel voorstel schrijven om de APV aan te passen. Daarna stemt de gemeenteraad daar weer over. Het is nog geen gelopen race, maar de politieke steun is er dus al wel.
In theorie zou alleen het College de motie kunnen negeren of vertragen. Daardoor komt de beoogde invoeringsdatum van 1 januari 2026 mogelijk in gevaar. Maar als het college zich aan de wens van de meerderheid houdt, kan Utrecht in 2026 een van de eerste steden zijn zonder fossiele buitenreclame.
Lees ook: Nieuwe directeur voor Centercom Buitenreclame
Kortom, ’n duurzaam straatbeeld in zicht?
Utrecht wil ook reclame in het straatbeeld groener maken. Door fossiele buitenreclame te verbieden, kiest de stad voor een duidelijk signaal richting bewoners én bedrijven. Als alles volgens plan verloopt, verdwijnt een groot deel van de fossiele reclame al binnen anderhalf jaar uit het Utrechtse straatbeeld.